Video

De Koers van Puck Moonen

“Mijn zwaarste rit was die van vorig jaar, in La Course. Dat was een ritje van 68 kilometer, maar wel met een col van eerste categorie, de col d’Izoard. In de kilometers daarvoor was het trouwens ook nooit vlak. Van bij de start ging het er al hevig aan toe, en na al het afzien krijgen we nog de col d’Izoard die we over moeten. En niet van de minste. 14 lange kilometers, en bij de laatste 7 kom je zelfs niet meer onder de 9%. Dat is redelijk pittig. Het geluk was wel dat er veel volk langs de kant stond, omdat de mannen na ons zouden passeren. Dan wordt je in een steile bocht af en toe eens aangeduwd.”

“Dat was een mooie ervaring, maar vooral ontzettend zwaar.”

“Ik heb toen wel beseft dat ik geen klimmer ben. Ik was vorig jaar nog wat aan het zoeken, maar vorig jaar werd het al snel duidelijk dat ik geen topklimmer zou worden. Maar het heeft wel iets gedaan met mij om tussen die mensenmassa te rijden. Toen dacht ik: ‘hoe gaaf zou het zijn als je hier in de kopgroep zit en meedoet voor winst?’. Het deed me denken aan m’n eerste jaar als prof, toen ik echt voor de sport leefde. Daarvoor wil ik het volhouden, ik blijf werken, tot ik daar rijd, op die plek, op dat moment van de wedstrijd.”

“Ik wil mezelf de tijd geven om te groeien, zodat ik op het einde van de rit kan zeggen dat ik bij de internationale top hoor.”

“Ik denk persoonlijk dat ik vooral mentaal sterker ben dan de rest en dat ik een grotere marge heb. Ik koers nog niet zo heel lang en ben pas anderhalf jaar geleden begonnen met serieus te trainen en een beetje voor de sport te leven. Ik weet, als ik naar collega’s kijk die al op hun top zitten, dat ik nog heel groeimarge heb. Maar dat is iets voor de komende jaren, ik wil niets overhaasten. Ik ken nu al een hele hoop punten waarin in me kan verbeteren, en dat is al heel veel, als ik daaraan kan werken, komt het goed.

“Ik ben het gewend om op m’n eentje te zijn en zelf alles te regelen. Dus ik zou het wel kunnen, maar je hebt in de koers ook een hele hoop groepsdieren. Dan kan ik me inbeelden dat een lange tijd van huis moeilijker is.”
“Dat wil niet zeggen dat ik niet in groep kan werken, dat lukt zelfs prima. Maar het is voor mij geen vereiste dat het goed zit in de ploeg.”

“Ik kom van heel ver en koers nu al op het allerhoogste niveau. Dus mezelf nu al opleggen om dit jaar al een koers te winnen is wat onrealistisch. Misschien dat ik op nationaal niveau wel sterk genoeg ben om dat te doen. Maar het zou leuk zijn om in een UCI 1.1 of 1.2-wedstrijd in de top 10 te eindigen. Dat zou al een heel grote stap zijn. Op World Tour-niveau is het nu nog een uitdaging om de koers bij te houden!”

“Als de pech zich opstapelt, en je kan er weinig of niets aan doen, dan is dat frustrerend. Je kan je al voorstellen hoe de eerste frustratie aanvoelt, maar als het keer op keer gebeurt dank je al eens aan stoppen. Maar je houd je vast aan de gedachten dat het de volgende keer wel eens een schot in de roos zou kunnen zijn.”

“Op momenten dat je een dipje hebt, is een goede entourage heel belangrijk. Iemand waar je op kunt vertrouwen. Voor mij is dat Eli. Ik kan altijd op hem terugvallen als ik in de put zit. En dat is dit seizoen ook al een keer gebeurt. Soms duren die dipjes wel 2 weken. Dan is het gewoon nodig om een positief signaal op te pikken. Dat geldt voor de wedstrijden, maar ook voor de trainingen. Er is niets leuker dan je eigen records breken. Dan heb je weer wat goede moet en kun je weer verder bouwen.”

“Soms heb ik wel wat last van heimwee, mar ik vind het ook ontzettend leuk om te reizen. Ik vind het superleuk om nieuwe mensen te ontmoeten en nieuwe plekken te ontdekken. Het liefst ga ik er op reis gewoon zelf op uit. Maar met de koers kan je dat niet altijd doen. Je moet rusten. Je weet gewoon dat er de volgende dag een koers op het programma staat.”

“Ik vind het gewoon leuk om met andere culturen in contact te komen en het eten te ontdekken. Maar als je in Italië zit en je eet elke dag pasta, dan kan een ouderwetse boerenkoolstampot van mama er altijd in!!”

“Voor mezelf wil ik de komende 5 jaar echt de tijd nemen om naar de top te groeien. Ik wil er de tijd voor nemen en op het einde van de rit kunnen zeggen dat ik echt bij de internationale top hoor.

Over de redactie

de Koers redactie

De redactie gaat op zoek naar verhalen. Geef ons wel wat tijd, 't zijn de verhalen die we koesteren. Koers is zoveel meer dan koers alleen.

't Zijn trouwens niet alleen de wielrenners zelf, die spannende verhalen hebben. We gaan op zoek naar mensen met een passie wielrennen, naast de sport. Een fotograaf bijvoorbeeld die in-the-heat-of-the-moment zijn beeld vastlegt, komt waar geen ander komt. En beleeft wat geen ander beleeft. De redactie schrijft, interviewt, redeneert en publiceert.

Reageer

Klik hier op een reactie te geven

Lees meer …